16 Sesel – Je vais faire plein d’amis

“Je vais faire plein d’amis.” Louka begint uit te kijken om terug te keren naar Brussel, zijn thuishaven. Hij zal degenen die hij mist terugzien: zijn vrienden. En dit jaar wil hij er heel veel nieuwe bijmaken. “Je vais faire plein d’amis pour Facebook,” zegt hij met een niet helemaal onschuldige babyface-look, alsof er een gamma van kleurrijke plasticine bestaat waaruit al die nieuwe vrienden lieflijk gevormd kunnen worden. Zijn gemis en behoefte aan vrienden lijken uit onze reis van een maand op de Seychellen te zijn ontstaan. Ik wil zijn uitspraak filmen, maar daar is hij niet mee akkoord, ook niet als ik zijn theatrale uitspraak imiteer. Hij is weinig onder de indruk.

“C’est pas comme ça!” zwaait hij mijn imitatie van de plank. “Filme, je te le montre!” “Tu me donnes une clope?” En ik herken zijn brede glimlach. “Tu es trop marrant quand tu pètes un câble, je vais te filmer.” De serveerster in dit restaurant neemt zijn bord terug met de onaangeraakte frieten die ik extra had besteld, waaruit mijn geërgerde toestand is gegroeid. “Attends, attends,” en hij maakt de camera opnameklaar. In mijn toestand van moraliserende vader maakt dit me nog kribbeliger, maar ik weet niet wat te zeggen als hij er lachend een laag overheen legt: “Allez, pète un plomb!” Boos, maar verrast door zijn tegenaanval – waar hij zich weer eens makkelijk vanaf zal maken – word ik plotseling gered door een wonderlijk technisch probleem. “Ça veut dire quoi, TAPE END?”, vraagt hij me. Lachend besef ik de situatie: “Fin de la cassette…” En nu kan ik hem vrijelijk onder zijn voeten geven, zonder gefilmd te worden.

No items were found matching your selection.

17 Sesel – het verloren prijsbezit

Louka wil één prijsbezit meenemen naar Brussel: zijn golfplank, zijn trouwe metgezel in de golven, zijn symbool van vrijheid op dat eiland. In de luchthaven hebben we hem hem zorgvuldig met plastic aan zijn rugzak gebonden, als een kostbare schat die we naar Brussel moeten smokkelen. Maar ergens tussen het inchecken en het opstijgen is hij losgeraakt, verdwenen in de anonimiteit van de luchthaven. Toen Louka het beseft, zie ik de teleurstelling in zijn ogen – niet zozeer om het voorwerp zelf, maar om wat het had betekend: zijn tastbare herinnering aan die weken, zijn stukje eiland dat hij heeft willen meedragen. Nu is het weg, opgeslokt door de reis zelf, alsof het eiland ons nog één laatste les wil leren: dat je sommige dingen gewoon moet loslaten.

No items were found matching your selection.

18 Sesel – Praislin

De heenreis van onze uitstap naar Praislin verloopt soepel. We zitten op gestapelde dozen midden tussen de lading, de enige passagiers op een schip dat eigenlijk alleen bedoeld is voor vracht. Het eiland dat we aandoen, verkennen we per fiets, en even lijkt alles perfect. Maar op de terugweg slaat het weer om. De hemel betrekt, de wind steekt op, en al snel zitten we midden in een storm. Pikdonker. Golven beuken tegen de boot, die niet afgesloten is – het water stroomt naar binnen, koud en ongenadig. Louka wordt misselijk, doodsbang, en probeert zich onder de banken te verstoppen, maar dat is levensgevaarlijk met al dat woeste water dat door de boot spoelt. De schipper, zelf druk bezig om het vaartuig onder controle te houden, kan ons amper helpen. Zijn kalmte is het enige wat me geruststelde. Ik trek Louka tegen me aan, hou hem vast terwijl de boot als een kurk op de golven danst. Elke minuut voelt als een eeuwigheid. We weten allebei: dit zal nog uren duren.

No items were found matching your selection.

19 Sesel – Praislin

Onze laatste dagen brengen we door in Victoria, de hoofdstad, waar de sfeer een vreemde mix was van koloniaal erfgoed en tropische levendigheid. We dwaalen over de markt, tussen de kleuren en geuren, en stoten op een Hindoeïstische tempel, verrassend ingebed in de anders zo Engelse architectuur. Maar wat echt opvalt, zijn de gigantische jachten in de haven – glanzende, witte kolossen die als stille getuigen liggen van het echte karakter van dit eiland: geen ongerept paradijs, maar een fiscaal toevluchtsoord voor de rijken, waar geld stil en onopvallend zijn werk doet.

No items were found matching your selection.

20 Sesel – Victoria

We worden uitgenodigd door die Indische man, die we ergens op straat hebben ontmoet. Het beeld met het schilderij van zijn overleden vrouw blijft me bij. Louka, verveeld, niet begrijpend waarom ik hierheen wou. Mijn drang om mensen te ontmoeten die iets te vertellen hebben, iets te geven.

Seychelles, augustus 2009

No items were found matching your selection.

LoneStar

No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.
No items were found matching your selection.

11 – drie films later

Drie films later zal ik in Helsinki aankomen. Het schrille verschil kan niet groter zijn. De rust in Helsinki, de goed georganiseerde aanschuifrij. Ik mis het chaotische van India al een beetje. Drie uur later zal ik terug in mijn eigen buurt een steak met friet, vergezeld van een Triple, eten. Het is kil, wat normaal is voor februari. Plotseling voel ik me weer een beetje alleen. De harde realiteit van dit leven neemt weer zijn plaats in. Welke sterren zal ik in België vinden?

Hoe voelt een reis aan als je na een aantal dagen weer thuis bent? Een reis waarvan ik het idee heb dat iedereen die al heeft beleefd. Het felbezochte en bekeken India. Het land waar we spontaan aan cultuur, schoonheid, kleuren en armoede denken. De eerste vraag die ik krijg, is of het geen schok was. Het land van superlatieven. Waar onze vervuiling zichtbaar wordt. Meer mensen, meer kleuren, meer goden, meer glimlachen, meer zwerfvuil, meer vergane glorie, meer geschiedenis, meer verwondering, meer sterren, meer muziek, meer armoede. Een gigantisch pretpark. Meer lawaai, meer verkeer, meer toeristen. Minder alcohol.

Het lachwekkende bureaucratische systeem van Delhi om een treinticket te kopen, waarbij je twee uur in de rij wacht en meer dan twintig minuten bezig bent om alle papieren in te vullen. Het hoffelijk wachten in een rij, niet meer door iedereen respecteert, werd met het badwater weggegooid bij de onafhankelijkheid.

Ik vraag me meer en meer af of India een gecomprimeerd evenbeeld van onze maatschappij is, een toekomstvisie. Onze westerse vervuiling wordt zichtbaar in India. Ik denk aan de vele verzamelplaatsen van onze voedselkoeriers in Brussel, de zichtbaardere daklozen, onze eigen segregatie die we ontwikkelen. Terug in België vertelt iemand, die vaak naar India afreist, me dat ook in India mensen hem minder aanspreken. Iedereen zit meer en meer op hun eigen smartphone.

Hier, terug in België, staat mijn wereld echt weer op zijn kop. Het wordt me nog duidelijker dat ik niet weet waar ik heen ga.